Gerard_Bauwens_wit1

   Actieve Beeldende Kunstenaar



bienvenue welcome welkom

Gerard Bauwens (door Etienne Delbaere)

Erik Rohmer heeft in zijn filmessay De smaak van het Schone het klassieke genoemd: de synthese van intelligente tederheid en scherpzinnigheid in een gekunstelde vormgeving. Wij zijn in deze eeuw overspoeld geweest door een golf naar het lelijke, in naam van de maatschappelijke realiteit tot artistieke norm verheven.

Maar de Frans-Poolse schilder Baltus had het ook in die harde tijd over de eis van het schone. Het agressieve surrealisme van Hans Bellmer bellete hem niet een extreme vormelijke verfijning na te streven of een haast volmaakte tekening te maken, het portret van de Franse filosoof Bachelard. Ook veel Italiaanse kunstenaars bleven in onze eeuw het schone aanhangen. Zij zijn gevoed door idealen uit de klassieke Oudheid, de Renaissance, maken deel uit van een grote cultuur.

Nog steeds heeft geen enkel Duits museum belangrijk werk van Paul Wanderlich, een uitgesproken elegant voorvechter van het estetische, maar men betaalt er fabuleuze bedragen voor simpelweg barslechte schilderijen van Salomé en anderen die Matisse en Kirchner niet begrepen hebben, noch Picasso, noch de wel belangrijke hedendaagse aanhangers van de vrije of wilde figuratie in Duitsland, Uïpertz of Volker Tannert; fabuleuze bedragen voor schilders die grof en lelijk doen verwarren met durf, oorspronkelijkheid, en de schoonheid reactionair noemen.

Les_illusion_perdu_kl

Het schone is een onderstroom gebleven, er is veel moed nodig om uitgesproken estetische principes te huldigen. Deze moed, dames en heren, heeft Gerard Bauwens van bij de aanvang gehad. Zijn werk beantwoordt volkomen aan de normen die Erik Rohmer stelt. Ik meen dat er in onze tijd een uitgesproken nostalgie naar het klassieke merkbaar geworden is, dat het gemis aan het schone voelbaar geworden is. Gerard Bauwens biedt ons daarbij enige vertroosting.

Niet zozeer de Vrouw of haar erotiek lijken mij de motieven van zijn werk, maar de schoonheid zelf, de nostalgische ontroering die van haar uitgaat, als bij Hans Bellmer, weleer de supreme elegantie.Alle fundamentele betrekkingen tussen mensen zijn welliswaar erotisch, maar welke pijn moet diegene doorstaan die dat beseft in een wereld die slechts voor harde feiten belangstelling heeft en nog steeds gelooft dat dromen bedrog zijn, in een wereld die wezenlijk niet voor het oneindig verfijnde, noch voor het zachte mentale spel te vinden is?

Het werk van Gerard Bauwens is fundamenteel het werk van iemand die niet thuis is in deze wereld. Hij is verbannen in zijn diepste zelf, in de droom, in zijn eenzame wijze van schouwen, zien, voelen.

Voor hem is de schoonheid het meest waarachtige erfgoed van de mens.

aan_de_kust_kl

Zo zoekt hij tedere, het fragiele, in intelligent gecomponeerde beelden, die getuigen van een bevrijde klassiek. In tegenstelling tot de meeste zogenaamde nieuw-realisten isoleert hij geen fragment uit de werkelijkheid om dit gedetailleerd en/of poetisch te reproduceren, wil hij niet alles weten over niets, maar bouwt hij een alternatieve wereld op, die ogenschijnlijk gebaseerd op de zichtbare, daar toch grondig van afwijkt. Want hier is de eenzaamheid, de verinnerlijking, het voornaamste, de stilte in de storm, de verbeelding.
Deze meisjes op het strand zijn onwerkelijke paradijzen, herinneringen aan een volmaakte wereld. Zij zijn de schoonheid zonder taal, de droom zonder verhaal, de rust zonder de dood, van de werkelijkheid weg.

Zij zijn ongeschonden maar breekbaar als alles wat gecultiveerd wordt in een artificiële omgeving. Gerard Bauwens werk is een klassiek beheerste romantische illusie, maar is niet alles illusie, en illusie niet alles?






Het voorstellen van mijn persoon en de evolutie in mijn werk is als volgt

Het cliché-beeld dat men heeft bij het verlaten van de academie leidt tot het verwerven van de doorgaans classieke beeldvorm van de gecontoureerde lijn met de vlakke opvulling.

Het kunstgebeuren is een zoektocht naar zijn eigen zijn. Wanneer men in zijn prille begin zo zeker met andere kunstenaars wordt vergeleken, zoals met Rik Wouters en Permeke omwille van de spontaniteit en de kracht waarmee mijn werken werden opgebouwd.
Terwijl ik in een verdere periode wordt vergeleken met Pol Mara omwille van de esthetische vormgeving. En zo groeit het verder.
Ik kan mij er in verheugen dat wat ik nu breng, en eveneens wat ik vroeger bracht, in de eerste plaats heel persoonlijk is wat betreft techniek als idee, zijnde “oeuvre”.

Van meet af aan, ben ik bij mijn eerste tentoonstellingen mijn eigen verworven techniek gaan opbouwen, in die zin dat geheel dit wereldje is getekend in een stijl die zeer persoonlijk is net zoals , als men terug wil vergelijken (Van Gogh), ook een persoonlijke techniek had. In mijn beginperiode werkte ik uitsluitend met houtskool, daarop volgde potlood. Een paar jaar terug is dit verder geëvolueerd naar het schilderen en nog steeds met het hardnekkige karakter het technische aspect niet te verloochenen. Het idee dat al die jaren heeft getypeerd, door de naaktstudies van bij de academie, is het menselijk figuur steeds als centraal punt te gebruiken bij de grote verscheidenheid van thema's die in de jaren speelden. Ondermeer ,romantiek, sensualiteit, erotiek, vrijheid, bewustwording, esthetiek, natuur...enz.

Nu gaat de voornaamste aandacht naar de sterke tegenstelling van het menselijkemaaksel ten overstaan van de natuur, waarin de vormen en verhoudingen, irreëel in een speelse kluwen van de techniek, tot hun essentie worden teruggebracht in een eigen beeldentaal. Zozeer dat niet het figuur als dusdanig, en ook niet direct de natuur belangrijk zijn, maar het concept meer betekenis krijgt in het observeren van mijn werken.

Bauwens gerard